Methodologische achtergrond bij Nieuwsuur als sensatietv


In het katern Vonk van de Volkskrant (niet online beschikbaar) staat vandaag een stuk van mij waarin ik betoog dat Nieuwsuur onnodig elementen van sensatietelevisie hanteert. De lezing van Nieuwsuur is gebaseerd op een eerdere analyse van het programma, uitgevoerd door Cem Gömüsay, Arif Kornweitz en mij. Het betrof een discoursanalyse naar de vraag ‘Op welke wijze probeert Nieuwsuur objectiviteit over te brengen?’. Discoursanalyse is een kwalitatieve analysetechniek die zich richt op de manier waarop taal onze werkelijkheid vormt. Door aandachtig de details in taal en beeld te bestuderen wordt de ‘verborgen’ betekenis van mediateksten blootgelegd. Denk bijvoorbeeld aan de impliciete verschillen tussen het gebruik van de woorden ‘gastarbeiders’ en ‘Medelanders’.

Aanvankelijk zijn vijf maandagen uit de periode 6 september-6 oktober 2010 onderzocht. Tijdens de onderzoeksperiode is meermalen onderling overleg gevoerd over de gevonden resultaten. Iedere aflevering is door meerdere onderzoekers bekeken. In de analyse is gestreefd naar het bereiken van theoretische verzadiging, dat wil zeggen dat er is geanalyseerd totdat er geen nieuwe inzichten meer naar voor kwamen.

Een jaar later heeft Joost van Zoest deze analyse herhaald, wederom over de periode september en opnieuw 5 afleveringen. Er is daarbij gezocht naar afwijkingen van de eerder gevonden resultaten.

Voor de lezing in de Volkskrant zijn opnieuw een aantal afleveringen bekeken, nu uit zomer 2012, om te zien of er zaken zijn veranderd.