Het venijn van meisjescultuur

Sex Ding Human FilmCapelle aan de IJssel, eind 2011. De 15-jarige Joyce krijgt op een feestje ruzie met haar beste vriendin Polly. Joyce is boos. Ze roddelt naderhand over Polly, over vermeende seksuele escapades. Dat leidt tot woede bij Polly. Ze wil Joyce het zwijgen opleggen. Ze klaagt tegen haar vriendje Wesley over de roddels. Samen vinden ze een andere jongen, Jinhua, bereid iets aan Joyce te doen. Met zijn drieën plannen ze een moord. Jinhua kent Joyce helemaal niet, maar op 14 januari gaat hij naar haar huis en steekt haar neer met een mes. Ook haar vader die toesnelt wordt gestoken. Joyce overlijdt enkele dagen later.

Het klinkt als het plot voor een film, maar het is echt gebeurd. De zaak kwam bekend te staan als de Facebookmoord, de eerste en laatste in Nederland. Facebook zou een van de plekken zijn geweest waar Joyce roddelde over Polly. Het is ook bekend dat Polly, Wesley en Jinhua in de Facebook-chat de moord hebben besproken. De vader van Joyce, die het overleefde, gaf daarom Facebook de schuld. Volgens hem lag het aan het sociale netwerk dat een – in zijn woorden – onbenullige ruzie kon uitgroeien tot moord.

Inmiddels klinkt dat stompzinnig. Een moord die beraamd is via de telefoon noemen we ook niet ‘de telefoonmoord’. Facebook was slechts het communicatiekanaal. De vader onderschatte het belang van de ruzie, hij onderschatte het venijn van meisjescultuur. In plaats daarvan deed hij wat volwassenen vaak doen: wijzen naar nieuwe media.

In de jaren 20 kende Nederland een ‘danskwestie’. Uit het buitenland kwamen nieuwe muziekvormen met bijhorende dansbewegingen die de jeugd zouden aanzetten tot losbandigheid. Ook daarvoor al waren er zorgen over nieuwe media en de seksualiteit van jongeren. De bekende psycholoog G. Stanley Hall waarschuwde in 1904 in zijn beroemde boek Adolescence voor een ‘leesgekte’: het ervaren van de emoties van anderen via romans zou de jeugd het hoofd op hol brengen. In onze tijd richten zorgen zich op Instagram en Snapchat, mediakanalen die nu populair zijn. Sexting is het angstwoord voor ouders. Net als de vader van Joyce slaan ze de plank mis.

Geen charleston zonder jazz, geen sexting zonder smartphone. Het gaat onmiskenbaar om een nieuw fenomeen dat gevolgen kan hebben die we niet eerder zagen. De mobiele telefoon is een intiem apparaat, waarmee je foto’s en filmpjes kan maken die je niet bij de Hema hoeft te laten ontwikkelen, maar die je direct aan een partner kan sturen. Kenmerkend voor digitalisering is de eenvoud van reproductie. Diezelfde beelden kunnen dus gelekt worden door kwaadwillenden, die ze kunnen doorsturen naar individuen, groepen of publieke sites. Een gelekte foto kan zoveel kopieën hebben dat volledige verwijdering vrijwel onmogelijk wordt. Het bereik – de hele school, het halve dorp – kan zomaar heel groot worden en de schaamte daarmee ook. Maar de noviteit van sexting verhult dat de mechanismen achter het verraad van doorsturen allesbehalve nieuw zijn.

De wereld van jongeren lijkt voor veel volwassenen afgesloten. Jongeren zoeken ook afzondering van volwassenen. In slaapkamers, op rondhangplekken en – om maar een archaïsche term te gebruiken – in cyberspace. Ouders maken zich zorgen dat hun dochters verleid worden zich uit te kleden voor de camera, of overgehaald worden om naaktfoto’s te delen. ‘Verleid’ en ‘overgehaald’ zijn bewust gekozen woorden hier: meisjes worden gezien als onschuldig. De seksualisering komt van buiten. De angst gaat niet alleen over dat seksueel worden of zijn, maar ook, of juist, over de reputatie. Stel je voor dat beelden uitlekken? Dan is mijn prinses ineens de hoer van de school!

In plaats van zich te verdiepen in de mechanismen van jongerencultuur, wordt de verbodskaart getrokken: niet doen! Beter zie je van sexting af, is de boodschap, beter vertrouw je niemand. Slachtoffers van het doorsturen van sexy materiaal krijgen de schuld: had je maar niet! Het is het korte-rokjes-verhaal: dat is toch uitlokking! En hoewel jongeren een eigen cultuur hebben los van volwassenen, nemen jongeren de normen van ouderen wel over. In de volwassen cultuur worden vrouwen nog maar al te vaak verantwoordelijk gehouden voor de misstappen van mannen, zoals we ook zagen in de reacties op Patricia Paay en #metoo. De slutshaming – of sletvrees – uit onze alledaagse cultuur geldt ook keihard onder jongeren. Nog harder zelfs, want pubers beleven alles nu eenmaal intenser.

Vanaf de jaren 70 wordt er wetenschappelijk onderzoek gedaan naar meisjescultuur. Studies laten keer op keer zien hoe meisjes worstelen met sletvrees. Vanaf jonge leeftijd leren ze dat ze op hun uiterlijk beoordeeld worden. Ze moeten sexy zijn, maar mogen tegelijkertijd niet seksueel zijn. Voor meisjes bestaat geen acceptabele seksualiteit: je kan ‘slet’ genoemd worden als je toenadering tot jongens zoekt, maar ook als je ze afwijst. Zulk schelden met ‘hoer’ is een vorm van disciplinering: bedoeld om specifiek gedrag te corrigeren dan wel te bewerkstelligen. De angst ervoor leidt tot aanpassing van de eigen handelswijze: bepaalde plekken ontwijken en bepaalde gedragingen mijden. Zij die de grenzen overschrijden, worden juist door meisjes zelf meedogenloos afgestraft, met het machtigste wapen uit het meisjesarsenaal: roddel.

‘Beter vertrouw je niemand’ is een idiote waarschuwing. Juist in de puberteit, als je los probeert te komen van je ouders, plaats je je vertrouwen in je leeftijdsgenoten. Je vertrouwt je vaste verkering en je vertrouwt je beste vrienden. Gelukkig maar. Onder meisjes is het tonen van vertrouwen zelfs cruciaal voor het voortbestaan van de vriendschap. Zo delen jonge tienermeisjes met elkaar hun wachtwoorden: bewijs dat ze het waard zijn.

Die vriendschap tussen tienermeisjes is intens. Ze gelijkt een verliefdheid, maar kan ineens omslaan in hevige animositeit. Het zal niet verbazen dat de doodzonde die dat teweeg kan brengen het beschamen van vertrouwen is. Dat was letterlijk het geval bij Joyce en Polly: de ruzie was zo heftig dat Polly haar voormalige vriendin dood wilde hebben. Of eigenlijk: ze wilde haar de mond snoeren omdat ze bang was voor de sociale schade door roddel over seksueel gedrag. Zulke verlangens zijn geen uitzonderlijk incident en we moeten dit niet onderschatten.

Joyce vond niet de dood dankzij Facebook, maar ook niet dankzij meidenvenijn. Het was Jinhua die het mes in haar stak, en Jinhua was geen gewone jongen. Hij werd gediagnosticeerd met een psychopathische persoonlijkheidsstoornis en werd dan ook verminderd toerekeningsvatbaar verklaard. Hoewel jongeren emoties intens beleven en sociale afwijzing echt voelt alsof de wereld vergaat, komt het doorgaans goed. Voor moord en zelfmoord is meer nodig dan de ingrediënten van alledaagse jeugdcultuur. Een instabiele thuissituatie bijvoorbe

Media helpen jongeren bij het experimenteren met volwassen cultuur: door via boeken of games emoties van anderen te ervaren, door seksuele danspasjes of poses uit te proberen. Hoe om te gaan met seks, seksualiteit en media is nooit een individueel dilemma, maar het resultaat van een complexe balanceringsact. Er zijn allerlei maatschappelijke verwachtingen over hoe je je hoort te gedragen, en die moet je in evenwicht zien te houden met de verwachtingen van je vrienden en die van je ouders. Die verwachtingen zijn soms tegenstrijdig en dat balanceren is een lastige klus. Voor volwassenen is de les dat de media weliswaar nieuw zijn, maar het balanceren niet.

Dit essay is speciaal geschreven voor de televisiepremière van Sex Ding van Talent United en Human, uitgezonden op vrijdagavond 1 december om 22.55u op NPO2.

Afbeelding bij deze post: screenshot uit de film Sex Ding.

Bekijk hieronder de film Sex Ding