Op Adformatie: mediawijsheid is geen medicijn tegen kidsmarketing

De MonitorHet nieuwe televisieprogramma De Monitor heeft de strijd aangebonden met kidsmarketing, de verzamelterm voor tactieken om de verkoop van producten aan kinderen te bevorderen. Een alliantie van tien organisaties eist nu een verbod op kidsmarketing, waarmee ze vooral reclameboodschappen in de media lijken te bedoelen. Naar aanleiding hiervan sprak ik met Adformatie. Ik vind een verbod een duidelijk signaal aan een hypocriete industrie. De vaak opgedragen oplossing van mediawijsheid gaat over weerbaar maken tegen reclame. Kennis van de werking van de media maakt je echter niet immuun voor reclame: ook ik als doctor in de communicatiewetenschap wil de mascara’s die de tv me aanprijst. Het gaat om de fundamentele vraag: vinden we het juist dat kinderen als consumenten worden aangesproken met marketing?

Als het antwoord daarop nee is, dan is weerbaar maken een omslachtige oplossing. Een verbod is duidelijk en effectief. Als het antwoord ja is, dan is zelfregulering niet nodig. Bedrijven ontwijken deze vraag uit angst voor wetgeving. Tegelijk dragen ze wel reclamewijsheid als een oplossing aan. Dat is hypocriet en inconsistent.

Kinderen zijn meer en meer mede-beslissingsnemers geworden: zij hebben invloed gekregen op wat er gekocht en dus gegeten wordt in een huishouden. Dat is ook de reden waarom kidsmarketing bestaat: producenten weten dit en handelen daarnaar. Producenten omzeilen zo de opvoeding van ouders en maken het ouders die het goed willen doen erg lastig. Zeggen dat het de taak van de ouders is miskent de effectiviteit van de eigen reclames. Daarmee is het oneigenlijk de verantwoordelijkheid alleen bij ouders neer te leggen: je moet als ouder sterk in je schoenen staan wil je op kunnen boksen tegen dermate geavanceerde kidsmarketing.

Lees het hele stuk op Adformatie.