Een stukje beleving naar de minister toe

leraarOoit leerde ik bij aardrijkskunde over bevolkingspiramides. Het was aan het begin van de middelbare school, rond 1990. Het diagram van Nederland zag er verontrustend uit: er zat een dikke klodder in het midden, terwijl de onderkant veel smaller was. Die klodder was de babyboom en die zou leiden tot vergrijzing, legde mijn docent uit.

Als beginnend puber vond ik het een geruststellend idee dat we dit onheil al in het vizier hadden. Onze bestuurders hadden immers ruimschoots tijd om een oplossing te bedenken, zodat AOW en zorg betaalbaar zouden blijven. Ik was duidelijk nog weinig kritisch en snapte nog niks van politiek. In al die jaren zou het Rijk de klodder hoger en hoger laten klimmen, steeds maar ouder en ouder wordend, zonder maatregelen te treffen. Ook ik werd almaar ouder, en ik zag het hoofdschuddend aan.

Hetzelfde ogenschijnlijke gebrek aan inzicht zien we in de manier waarop politiek omgaat met onderwijs. Al decennialang wordt er bezuinigd, terwijl het aantal leerlingen en studenten stijgt. Tegelijkertijd moet de sector steeds meer verantwoording afleggen voor bestede gelden. Tel die twee bij elkaar op, en je hebt het onderwijswoord van het jaar: werkdruk. Iedere brugklasser zal beredeneren dat de gevolgen daarvan niet ten goede komen aan de samenleving.

2017 was het jaar waarin docenten van alle niveaus vriendelijk hebben laten weten dat de werkdruk de pan is uitgerezen. De ballon barst. Er kan niets meer bij. Dat weet de overheid natuurlijk allang. Het probleem is bekend en er wordt heus aangewerkt. De neoliberale psychobla-begrippenkit is allang van stal gehaald.

Zo zijn er handige tools waarmee de beleving van werkdruk aangepakt kan worden, zoals ‘job crafting’: de docent gaat aan de slag met de eigen inzetbaarheid en werkmotivatie. Uiteraard proactief. Je kan ook een ‘verbeter-ritmiek’ creëren. Dan begint de dag met een ‘stand-up’-meeting van een kwartier bij een verbeterbord om vervolgens de taken uiteen te zetten op een balansbord. Er is een overvloed aan bedrijven die cursus- en coachingspakketten aanbieden om de werkdruk te lijf te laten gaan door degene die er last van heeft.

Docenten zelf weten wel beter. De hoge werkdruk is niet hun schuld, maar die van de overheid. De oplossing moet dan ook uit die hoek komen en is uiteraard helemaal niet ingewikkeld: meer tijd en meer geld. Dat betekent uren naar werk en loon naar uren. Het kabinet denkt echter verder te kunnen gaan op de gekozen weg. Minister Van Engelshoven bezuinigt gewoon door in het hoger onderwijs, en stelt dat we dat wel trekken door – je verwacht het niet – doelmatiger te werken.

Petities en stakingen mochten dit jaar niet baten. Misschien is het een idee om alle brugklassers een essay te laten schrijven over de gevolgen van de werkdruk op korte, middellange en lange termijn. Vervolgens dient de minister die allemaal na te kijken, binnen tien werkdagen, aan de hand van een gestandaardiseerd beoordelingsformulier. Wie niet luisteren wil, moet maar beleven.

Deze column verscheen eerder in Folia.