Doorbreek het taboe rond mannelijke slachtoffers van seksueel geweld

geweld vrouw manSeksueel geweld is een feministisch onderwerp. Tijdens de Tweede Feministische Golf zetten vrouwen het op de politieke agenda en het is niet verwonderlijk dat de #MeToo-beweging plaatsvindt tijdens een nieuwe heropleving van feminisme. Daarbij lijkt er een eenvoudig onderscheid te zijn tussen vrouwen als slachtoffers en mannen als daders.

Op het eerste oog is dat onderscheid logisch. Vrouwen zijn doorgaans fysiek zwakker en seksuele intimidatie gaat vaak gepaard met (de dreiging van) fysiek geweld. Bovendien laten de statistieken duidelijk zien dat vrouwen veel vaker slachtoffer zijn dan mannen. Toen ik in april 2017 – voordat #MeToo viraal ging – een column schreef over vrouwen als daders kreeg ik dan ook boze reacties. Het probleem is veel dringender voor vrouwen, dus waarom dan kostbare aandacht besteden aan mannen?

In haar beroemde boek Against Our Will (1975) stelt Susan Brownmiller dat verkrachting een primair middel van mannen is om het patriarchaat in stand te houden:

‘Man’s discovery that his genitalia could serve as a weapon to generate fear must rank as one of the most important discoveries of prehistoric times, along with the use of fire and the first crude stone axe. From prehistoric times to the present, I believe, rape has played a critical function. It is nothing more or less than a conscious process of intimidation by which all men keep all women in a state of fear.’

Verkrachting is in deze opvatting iets dat mannen doen om macht te behouden. Brownmiller kon zich eenvoudigweg niet voorstellen dat vrouwen zich hier ook aan schuldig zouden maken. Seksueel geweld draait inderdaad om intimidatie en macht. Maar geslacht is niet de verklarende variabele. Zo blijkt dat in Amerikaanse gevangenissen, vrouwelijke bewaarders meer dan hun mannelijke collega’s hun positie misbruiken om gevangenen tot seksuele handelingen te dwingen.

Deze week kwam de Monitor Seksuele Gezondheid in Nederland 2017 van Rutgers uit. Hierin zijn cijfers opgenomen over seksuele grensoverschrijding en seksueel geweld. Als we ook zoenen tegen de wil daarbij meerekenen, heeft 53 procent van de vrouwen en negentien procent van de mannen hier wel eens mee te maken gehad. Het verschil tussen mannen en vrouwen is inderdaad groot, maar bijna één op de vijf mannen is toch geen te verwaarlozen groep.

Rutgers heeft dit jaar de data op een andere manier verzameld waardoor vergelijking met eerdere Monitors lastig is. Zo is de vraagstelling niet hetzelfde. Extra jammer is dat er niet gevraagd is naar recente ervaringen, een vraag die wel in 2012 werd gesteld. Toen gaf 1,3 procent van de vrouwen aan dat ze in minstens één keer in het afgelopen jaar seksueel geweld had meegemaakt, tegenover 1,2 procent van de mannen. Ongeveer evenveel dus – een beeld dat ook uit eerder genoemd Amerikaans onderzoek naar voren komt.

Dat zou erop kunnen wijzen dat seksueel geweld tegen mannen in opkomst is: de cijfers over het gehele leven liggen voor mannen namelijk lager. Dat is aandacht waard, zowel van onderzoekers en van feministen. Zijn de daders hogergeplaatsten of juist partners? Vindt het seksueel geweld plaats op de werkvloer of in het uitgaansleven?

In Nederland is het aantal zaken dat aan het licht kwam dankzij #MeToo niet zo groot. De drie grootste (dat wil zeggen: met de meest high profile verdachten) kenden in twee gevallen mannelijke slachtoffers: Gijs van Dam (Jelle Brandt Corstius) en Job Gosschalk (37 mannelijke acteurs). De andere zaak is die rond Jappe Claes en zijn vrouwelijke studenten.

Desondanks gaat het op sociale media, in columns en bij praatprogramma’s vrijwel eenzijdig over vrouwen als slachtoffers. Dat versterkt het reeds bestaande taboe voor mannen om uit te komen voor hun slachtofferschap. Mannen horen immers jagers te zijn en seks altijd lekker te vinden. Gedwongen worden iets te doen wat je niet wilt hoort echter niet bij seks. De Monitor 2017 van Rutgers laat zien dat de gevolgen van dwang voor mannen dezelfde zijn als die voor vrouwen: ook zij hebben last van fysieke en psychische klachten, en onder andere problemen in de relatie en op het werk.

Het percentage mannen dat aangifte doet van hun ervaringen met seksueel geweld ligt zorgwekkend laag: slechts vier procent (tegenover een eveneens zorgwekkend schamele elf procent vrouwen). Mannen praten er ook minder over en krijgen daardoor minder hulp. Er is dus nog een lange weg te gaan. Emancipatie is geen vrouwenkwestie, maar iets dat we samen moeten doen. Dat geldt ook voor seksueel geweld.

Deze column verscheen eerder op Brainwash.