Seks als empirische klus

onderbroek kikkerOnderzoek is waanzinnig gaaf. Het is echt te gek dat je vragen kunt stellen en dat daar dan antwoorden op komen. Wetenschappelijk verantwoord onderzoek is nog gaver, omdat je dan zekerder kunt zijn over de juistheid van je antwoorden. Het zal niet verbazen dat ik gespecialiseerd ben in onderzoeksmethoden.

Vorige zomer was het land in rep en roer na het verschijnen van een rapport van Rutgers. De jeugd van tegenwoordig bleek ineens seksueel veel braver geworden. Waar in 2012 met 17,1 jaar de helft van de jongeren al geslachtsgemeenschap had gehad, was die leeftijd in 2017 gestegen tot 18,6 jaar. Deskundigen speculeerden lustig over verklaringen, zo ook ik op deze plek, maar de redenen waarom jongeren wachten bleef, zoals dat zo mooi heet, een empirische vraag.

Rutgers is daarmee aan de slag gegaan en presenteerde deze week de resultaten. Op basis van focusgroepen met 47 jongeren in de leeftijd van 16 tot 25 formuleerden onderzoekers verklaringen voor een latere seksuele start. Overigens heeft Rutgers de spectaculaire stijging iets bijgesteld omdat ze mediane leeftijden met een andere methode zijn gaan berekenen. De cijfers zijn nu 17,0 jaar voor 2012 en 18,0 voor 2017. Lekker rond en nog steeds opzienbarend.

De onderzochte jongeren zelf vinden de verschuiving ook verrassend. Net als vrijwel iedereen in onze maatschappij dachten ook zij dat jongeren het vast en zeker steeds eerder gaan doen. Focusgroepen zijn bij uitstek geschikt om groepsnormen te achterhalen. We zien daarbij dat jongeren niet los staan van de samenleving, maar hun normen vormen in interactie met peers en ouders, daarin gestuurd door gendernormen en heteronormativiteit.

De onderzochte jongeren zijn tamelijk conservatief op seksvlak. Ze vinden dat je seks het beste in een relatie kunt hebben. Dat is beter voor je eigenwaarde en het wordt bovendien verbonden met puurheid. Ze hechten veel waarde aan de eerste keer, omdat ze seks aan liefde willen koppelen en veiligheid zoeken.

Die normen zien we terug in de mogelijke verklaringen die de jongeren aandragen voor hun latere seks. De onderzoekers vatten die samen in drie veranderingen. Ten eerste groeien zij op in een cultuur met nadruk op succes en eigen verantwoordelijkheid. Je mag niet falen, en dus ook niet met seks. Falen houdt naast stuntelen ook een uitgelekte sexy foto in.

De tweede verandering zit in sociale media: die vervangen de fysieke ontmoeting. Online kan je makkelijk flirten en in een chat heb je minder last van ‘akward stiltes’ en afwijzing. Typen is makkelijker dan praten. Hierdoor ervaren de jongeren een barrière als ze dan wel eindelijk lichamelijk bij elkaar zijn. ‘Je bent wel echt naakt als je seks hebt,’ zegt een deelnemer.

Tot slot is de alcoholleeftijd verhoogd en dat maakt jongeren niet alleen minder los, ze gaan ook minder uit. Vooral bij hoogopgeleide jongeren speelt de latere start van het uitgaansleven een rol. Laagopgeleide jongeren geven aan toch wel aan drank te komen en meer feestjes te bezoeken, feestjes waar volop getongd wordt.

De onderzoekers geven geen oordeel over de leeftijdsverschuiving, net als ik dat niet deed in mijn eerdere column. Wel vinden ze het jammer dat jongeren zo onzeker zijn en bang om te stuntelen. Dat is het ook. Seks is een onderzoek dat je leven lang duurt. Verkennen, aanschouwen, proberen, beproeven. Angst om fouten te maken zit je daarbij alleen maar in de weg, nieuwsgierigheid is je beste vriend. Onthoud ook: helemaal zeker zul je nooit zijn.

Deze column verscheen eerder op Folia.