Too far to flunk

baas sigaar geld‘Perverse prikkels’ is een prachtige vaste verbinding. Hij allitereert niet alleen aardig, hij heeft ook een normatieve ondertoon. Tenzij je zoekt naar kinky bedpartners is het uitnodigen tot perversiteit altijd slecht. Iets een perverse prikkel noemen is dus een slim retorisch trucje.

‘Too big to fail’ is ook een mooie. De gevestigde combinatie van die vier woorden heeft grote overtuigingskracht. Dit is niet zomaar een vaste verbinding, Wikipedia geeft het de status van economische theorie. Het idee is dat er specifieke bedrijven zijn (meestal banken, maar soms ook verzekeringsmaatschappijen of hedgefunds), die zo belangrijk zijn voor het financiele systeem dat ze niet failliet mogen gaan.

De regels van de markt gelden daarom niet voor hen, wat gek genoeg weer niet betekent dat het publieke instellingen zouden moeten zijn. Zeggen dat een bedrijf te groot is om te laten vallen is een manier om burgers te overtuigen dat het bedrijf geholpen moet worden met belastinggeld.

Naar de zes toewerken
Perverse prikkels aan de universiteit zorgen ervoor dat er studenten zijn die in zekere zin ook too big to fail kunnen worden. Ik noem ze: ‘too far to flunk’. Het neoliberalisme dicteert ‘outputfinanciering’. Dat is een beleidsmiddel dat universiteiten moet stimuleren om zoveel mogelijk studenten zo snel mogelijk te laten afstuderen. Dat werkt. Onderwijsinstituten worden ineens heel kostenbewust aan het einde van de rit.

Als je al drie, soms vier, vijf of meer jaar in een bachelorstudent hebt geïnvesteerd, ga je niet vlak voor de eindstreep roet in je financiering gooien. ‘Naar de zes toewerken’ was de expliciete instructie die ik ooit kreeg bij een hopeloos geval. Een zes betekent hier overigens niet een voldoende, maar een eindproduct dat bij eventuele beoordeling door een visitatiecommissie verdedigbaar is als een voldoende.

Genade
Bij de bachelorthesis tref ik regelmatig studenten die daar niet hadden mogen zijn. Ze hebben hun vakken wel gehaald, maar met hakken over de sloot. Gecompenseerd met een presentatie, of groepswerk, of dankzij een docent die de hand over het hart streek en een genade-5.5 gaf. Eenmaal bij de thesis aangekomen, vinden studenten dat ze het recht hebben af te studeren en weten managers daar geen argument tegenin te brengen.

Dat betekent niet dat studenten nooit zakken voor de thesis. Maar als ze al een keer gezakt zijn, is het echt de bedoeling dat ze het daarna wel halen. Ze zijn immers too far to flunk. Je kunt je als docent beroepen op je academische integriteit en weigeren. Dan wordt zo’n student het probleem van een collega. Desnoods neemt de onderwijsdirecteur zelf de begeleiding op zich.

Dit mechanisme geldt niet alleen voor bachelortheses. Bij de masterscriptie werkt het exact hetzelfde. Ook daar studeren mensen af die eigenlijk het niveau niet hebben, maar die samen met hun begeleider(s) een verdedigbare voldoende hebben geproduceerd. Het manifesteert zich zelfs op promotieniveau.

Het roer om
Het lukt economen niet om banken te beletten te groot worden om te kunnen vallen. Dat komt omdat ze weigeren het stelsel dat hen prikkelt pervers te groeien op de schop te nemen. Het grote vertrouwen dat in dit systeem aan banken wordt toegeschreven, geldt niet voor publieke instellingen. Een ziekenhuis is bijvoorbeeld niet belangrijk genoeg om te redden.

Gebrek aan vertrouwen is de reden waarom we aan de universiteit opgescheept zitten met die perverse outputprikkels. Als we geld zouden krijgen per studerende student in plaats van per ‘succes’-geval, zouden we studenten de mogelijkheid bieden eindeloos te studeren, zo is de verdenking. En hoewel ‘een leven lang leren’ een neoliberaal motto is, is dat natuurlijk niet de neoliberale bedoeling.

We kunnen als samenleving twee dingen doen. Of we accepteren dat mensen onverdiend afstuderen omdat ze too far to flunk waren, en nemen dus op de koop toe dat sommige diploma’s onterecht worden toegekend. Of we gooien het roer om en roeien perverse prikkels uit. Dat kan niet zonder politieke actie en politieke actie kan niet zonder retorica. Ik doe vast een voorzet. Je moet kiezen: een systeem waarin de overheid blind gelooft in de goede bedoelingen van bankiers, of één waarin de overheid wetenschappers vertrouwt?

Deze column verscheen eerder op Folia.