De fetisj is hot, maar zoveel meer dan een modegril

bdsm penis slot

Anna Wintour is al decennialang de machtigste vrouw in mode. Ze kan merken bouwen of breken, en de trends die zij als hoofdredacteur van de Amerikaanse Vogue steunt, zijn steevast bepalend voor het modebeeld. Ook in de seksindustrie zijn er trends, bijvoorbeeld in de gay fetisjcultuur. Wie bepaalt die eigenlijk?

Fetisjisme is van oorsprong een medische term, gemunt door de Franse psycholoog Alfred Binet – ook bekend van de IQ-test. Het concept verwijst naar een seksuele voorkeur voor – bijvoorbeeld – specifieke lichaamsdelen, objecten, situaties of handelingen. Mensen met dezelfde fetisj zoeken elkaar graag op, tijdens speciale feesten bijvoorbeeld.

Voor mijn neus ligt de nieuwste Wings, glossy van fetisjwinkel Mister B, met vestigingen in onder andere Amsterdam, Berlijn en Kopenhagen. De editie heeft een grijze cover, met een portret van een man getekend in Tom of Finland-stijl. Touko Valio Laaksonen, de echte naam van deze Fin, stond bekend om zijn typische, herkenbare vormgeving waarmee hij homo-erotische kunst maakte. In de Wings staat een spread van veertien pagina’s die dit design navolgt.

Fetisjisme wordt nog vaak raar of vies gevonden. Buitenstaanders worden niet graag geconfronteerd met zichtbare manifestaties van seksualiteit: denk bijvoorbeeld aan de negatieve opmerkingen over de leerboot tijdens de Amsterdamse Pride of over jockstraps. Ikzelf ben ook een buitenstaander, maar als sekscolumnist wil ik er alles over weten. Ik mag daarom aanschuiven bij een redactievergadering van Wings. Die gaat zoals alle redactievergaderingen gaan: ideeën worden gedeeld en taken verdeeld. Het enige verschil is dat in dit pand niet alleen het kantoor, maar ook het distributiecentrum van Mister B. is gevestigd.

Naast deze bijzondere cover liggen de voorgaande nummers, met steeds veel leer op de voorkant. Het zevende, meest recente issue is een beetje een stijlbreuk, iets bijzonders ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de winkel. Tom of Finland is iconisch, maar ook een beetje een indicatie dat er eigenlijk maar weinig verandert in de fetisjscene.

Ik vraag hoofdredacteur Tony de Wilde ernaar. ‘Fetisj heeft een iets andere omloopsnelheid’, legt hij uit. ‘Er is een aantal vaste elementen met een bepaalde geschiedenis.’ Zo ontstond de leersubcultuur in Amsterdam al in de jaren 50: leren broeken, leren petten, pilotenbrillen. Mister B. wil meer zichtbaarheid genereren om zo taboes rond fetisjen te doorbreken. Ze willen graag de jonge generatie in aanraking brengen met hun producten. De Wilde signaleert dat er onder die groep nu geen geijkte standaard meer is en er veel meer gemixt wordt dan vroeger. De ene dag puppy, de andere dag rubber.

Misschien slaagt Mister B. wel een beetje te goed in zijn missie. Veel fetisj-ingrediënten zijn nu gewoon mode, zoals de tuigjes die alomtegenwoordig zijn op festivals als Milkshake en feesten als FunHouse. Ik praat erover met Anne Rodermond, manager van fetisjclub Church aan de Amsterdamse Kerkstraat én afgestudeerd op modevormgeving aan de Rietveld Academie.

Er is een verschil tussen de individueel beleefde fetisj en de fetisjcultuur, zegt Rodermond. Rond de grote archetypes – vooral leer en BDSM – hebben zich subculturen gevormd. Deze groepen vinden bij elkaar steun en herkenning, waardoor er een emancipatoire kracht van uitgaat. Daar kun je economisch voordeel uit halen. Hij maakt een onderscheid tussen mensen die fetisjkleding dragen om erotische redenen en mensen die enkel esthetische overwegingen hebben. Waar fetisjen voorheen gingen over geilheid, telt voor sommigen nu vooral er mooi of hip uitzien.

Met name in de hedendaagse queergemeenschap worden fetisj-onderdelen als accessoire gebruikt. Mensen die zich als queer identificeren kunnen deze kleding ook ironisch dragen, en zo fetisjen een beetje op de hak nemen. ‘Mag de dikke rubberman ook nog?’ vraagt Rodermond zich af. Het schmutzige, de verbeelding, het spel – het zijn allemaal dingen die hij ziet verdwijnen onder jonge hippe queers.

Er is geen Anna Wintour van de fetisjwereld en trends verlopen hier anders dan korte rokken versus lange rokken. Fetisj-elementen worden uitgaansattributen, en dat is iets dat ook weer zal veranderen. Ik vraag Rodermond wat er nu in is. ‘Zo hadden we nooit moeten praten over fetisj’, lacht hij vermanend, ‘dan verlies je een ideologie.’ Door fetisjen als modedingetje te benaderen, verdwijnt het aspect van acceptatie en eigenheid. Ietwat sip: ‘De queers halen de seks er een beetje uit.’

Daar ben ik bij Mister B. niet bang voor. De Wings is schaamteloos seksueel. Op kunstpenisgebied is de lijn WAD nu in – de afkorting is een play op weapons of mass destruction. Niets is te gek, zegt hoofdredacteur Tony de Wilde. Na afloop van de vergadering loop ik een rondje door het magazijn, op zoek naar de grootste dildo. Ik word niet teleurgesteld. Ze zijn zo lang en dik als de bovenste helft van een Amsterdammertje, de trotse XXX-fallussymbolen die in de hoofdstad de weg van de stoep scheiden, of hier: de mainstream van het bijzondere.

Deze column verscheen eerder op Brainwash.