Je radicaliseert niet tot coronawappie door te veel YouTube kijken

Als je werkelijk denkt dat corona maar een griepje is, als je werkelijk meent dat mondkapjes slecht voor de gezondheid zijn, als je werkelijk gelooft dat Mark Rutte onderdeel is van een wereldwijd pedonetwerk, dan is het niet raar dat je iedere week op het Museumplein demonstreert en het waterkanon riskeert. Misleid en opgejut, oordeelt de rest van de bevolking over de demonstranten, zielige slachtoffers van nepnieuws en desinformatie.

De noodklok over nepnieuws en desinformatie werd al geluid voordat covid-19 zijn intrede deed, maar de pandemie maakt de gevolgen bijzonder zichtbaar. Het wantrouwen richting pers, wetenschap en overheid wordt luidkeels geuit, op sociale media en tijdens fysieke bijeenkomsten.

Het is lastig in te schatten hoe groot deze groep is. Actuele cijfers ontbreken en tijdens corona maakt timing enorm uit: tijdens de eerste lockdown steeg het vertrouwen in de regering juist sterk, het zogeheten rally around the flag-effect. Uit een peiling afgenomen eind januari blijkt dat nu zo’n tien procent van de bevolking het nieuws niet vertrouwt en dat eveneens zo’n tien procent denkt dat corona een complot is. Dit zijn niet langer individuen met een idiote mening. Deze schreeuwende minderheid bedreigt nu de volksgezondheid van anderen, omdat ze zich niet aan de regels houdt en zich niet wil laten vaccineren.

Het is makkelijk om de schuld bij de media neer te leggen. Vooral sociale netwerken moeten het ontgelden. Het Zondag met Lubach-item over ‘de fabeltjesfuik’ is inmiddels meer dan twee miljoen keer bekeken op YouTube, precies het platform waar hij zo kritisch op is. Lubach betoogt dat op YouTube mensen een parallelle werkelijkheid in worden gezogen.


De online fabeltjesfuik van Zondag met Lubach.

Zij stellen daar aanvankelijk begrijpelijke vragen, zoals ‘is de PCR-test betrouwbaar’, maar worden door het algoritme naar steeds heftigere filmpjes geleid. Lubach laat met een schoon account zien hoe je binnen drie clicks gaat van een filmpje over coronatesten naar de aanslagen op de Twin Towers, via pedofielennetwerken.

Hij legt daarbij de nadruk op de vermeende zelfstandigheid die mensen ervaren. Omdat je zelf op een volgend filmpje klikt, beredeneert Lubach, geeft dit de schijn van autonomie. Mensen denken dus dat ze zelf onderzoek doen, terwijl ze eigenlijk door de algoritmes van YouTube in een fabeltjesfuik worden gevangen. Nu klopt het dat die algoritmes een radicaliseringsmachine zijn en dat opjutten een belangrijk verdienmodel is, maar is dit werkelijk hoe mensen naar informatie zoeken?

Dat is niet zo makkelijk te staven, hoe aannemelijk het ook klinkt. Zo hoorden we een tijdje veel over filterbubbels, maar communicatiewetenschappers vindengeen bewijs voor het bestaan daarvan (zie ook deze podcast), of voor algoritmes die daarop zouden sturen. Mensen krijgen nog steeds nieuws op verschillende manieren binnen: door zelf te zoeken via zoekmachines, via aanbevelingen op sociale media of uit routine: omdat er een krant op de mat valt of je nu eenmaal gewend bent om het achtuurjournaal te kijken. Geen van deze manieren hangt samen met ideologisch extremisme, laat een studie zien. Oftewel: er is geen bewijs dat mensen die bijvoorbeeld vooral via Facebook hun nieuws binnenkrijgen, er extreme denkbeelden op na houden.

Zulk onderzoek gaat over de algemene bevolking, en het is maar een klein deel daarvan dat zich verzet tegen corona. Het kan natuurlijk zijn dat dit precies de mensen zijn die wél in een filterbubbel zitten, of juist echt alleen via YouTube naar nieuws zoeken. Deze groep is sowieso moeilijk te onderzoeken, hun wantrouwen tegen de wetenschap maakt ze onwaarschijnlijke respondenten.

Maar zelfs als dat wel zou gebeuren, zal het antwoord op de vraag hoe mensen radicaliseren tot coronawappies nooit alleen zijn dat ze te veel op YouTube hebben gezeten. Media werken nu eenmaal niet als een injectienaald en mensen zijn geen sponsjes die zomaar alles opzuigen wat ze te horen krijgen. Complotdenkers roemen zichzelf juist om hun kritische houding. Ze zoeken eerder te lang door dan te kort.

Sociale netwerken zijn bovendien meer dan doorgeefluiken van informatie, het zijn per definitie ook ontmoetingsplekken en communicatiekanalen. Onderzoeklaat zien dat mensen nieuws op sociale media eerder geloven als het komt van een publiek persoon die ze vertrouwen. Het maakt dus uit dat BN’ers als Lange Frans en Doutzen Kroes desinformatie verspreiden.

Die kopstukken van de Nederlandse viruswaanzin kennen elkaar allemaal, zoals Lubach zelf ook aangeeft in zijn item. Hun volgers komen nu fysiek bijeen op demonstraties, wat banden verder versterkt. Het is, kortom, belangrijk om de rol van gemeenschap mee te nemen.

Inmiddels zijn we al ver voorbij de vraag hoe we kunnen voorkomen dat mensen in de fabeltjesfuik trappen, al blijft die relevant voor de toekomst. De prangende kwestie die nu voor ons ligt is hoe we mensen weer terugkrijgen in de realiteit. Kan dat met overreding of moeten we de waanzin laten uitrazen? Ik moet daarbij denken aan doemdenkende sekteleiders die claimen dat de wereld vergaat op dag X. Als dat niet gebeurt, verdwijnt de aantrekkingskracht, of volgt heftigere radicalisering. Amerikaanse QAnon-aanhangers moesten teleurgesteld vaststellen dat 20 januari 2021 geen dag des oordeels was en dat ‘the Storm‘ uitbleef. Deskundigen vrezen nu dat zij ten prooi zullen vallen aan wit-nationalistische krachten.

Wat gebeurt er in de hoofden van onze viruswaanzinnigen als straks duidelijk wordt dat we helemaal geen chips ingespoten hebben gekregen? Als Rutte helemaal geen satanistische babybloeddrinker blijkt, maar gewoon prutsende premier met een teflonlaag en stadsfiets?

Deze column verscheen eerder op Brainwash.