De post-corona universiteit

corona studeren computerMijn Utrechtse studenten zijn niet in paniek. Ze zien niet echt hoe ‘corona’ hen schade kan toebrengen want ze zijn niet oud. Als ik zeg dat ik hoop dat we het tentamen halen voordat er een lock-down komt, kijken ze me verbaasd aan.

Het is woensdag als ik dit schrijf, de situatie kan natuurlijk anders zijn op vrijdag als deze column online komt. Ik heb twee afmeldingen voor de werkgroep ontvangen van studenten die in Brabant wonen en griepverschijnselen hebben. Ze schrijven er nadrukkelijk bij dat ze RIVM-richtlijnen naleven.

Snotteren en hoesten is namelijk normaal voor mijn bachelorstudenten. Vanwege aanwezigheidsverplichtingen en angst dingen te missen, blijven ze alleen thuis als ze echt doodziek zijn. Daardoor zitten ze soms koortsig te slapen in de les, en het hele blok gaat er al dus een virus rond.

Morgen, donderdag, start mijn workshopreeks wetenschapscommunicatie aan de Radboud Universiteit. Een deelnemer mailt dat ze niet kan komen: Brabant-quarantaine. Een ander, die bij het RadboudUMC werkt, informeert bezorgd of het wel doorgaat. Bij het Nijmeegse ziekenhuis zijn personen besmet met Covid-19. Werknemers hebben instructies ontvangen dat ‘bijeenkomsten van gemengde groepen’ niet zijn toegestaan. Alle congressen, borrels en vergaderingen zijn afgelast (‘verboden’).

In Amerika zijn al universiteiten dicht. Het begon vorige week met Stanford, en deze week volgden onder andere Harvard, Princeton en Berkeley, met allemaal persoonlijke ellende als resultaat. In Nederland wijst er vooralsnog niets op dat universiteiten hun deuren gaan sluiten of dat overwegen. Er zijn wel petities van studenten (UvA, UM) die daartoe oproepen.

Er is geen reden tot paniek. Medewerkers kunnen makkelijk thuiswerken – de UU adviseert ons om iedere dag je werklaptop mee naar huis te nemen, zodat je niet voor verrassingen komt te staan. En als studenten niet meer fysiek bij elkaar kunnen komen, dan geven we dat onderwijs toch gewoon virtueel?

Stanford benadrukt sterk dat ze geen classes cancellen. Ze voeren ‘alleen’ online instructie in. Dat is ook de Belgische benadering: ‘maximaal inzetten op telewerken’. Verschuiven naar cyber lijkt een uitstekende oplossing. Mogelijkheden te over, wetenschappelijk verantwoord (zie deze Google doc met ‘Remote Teaching Resources for Business Continuity’ van Amerikaanse universiteiten). Een college kan je streamen, gezel vanuit de woonkamer van de docent; een werkgroep kan in Google hangouts vormgegeven; tentamens kunnen online open-boek.

Ik weet niet wat de gevolgen van Corona gaan zijn. Misschien blijft in Nederland alles wel open (zie naschrift). Gaan alle colleges en tentamens gewoon door, en verzinnen we wat anders voor de zielenpoten in Brabant. Maar het is waarschijnlijker om uit te gaan van sluitingen. We doen er verstandig aan die te voorzien en vast na te denken over de wereld na de afgelastingen.

Want de verschuiving van fysiek naar virtueel mag alleen een apocalyptische noodmaatregel zijn. Digitaal lesgeven is geen waardig alternatief voor bij elkaar komen in een onderwijszaal. Een concertregistratie op YouTube kijken is ook geen vervanging van een concert bijwonen – het is een totale reductie van een ervaring, maar wel eentje die je geld bespaart.

Als de digitale uni er eenmaal is, de colleges opgenomen en de hangouts ingeburgerd, is de kans groot dat universiteiten het wel prima vinden zo. Het is een bezuiniging waar we dan al aan gewend zijn. Zolang we dus nog samen mogen komen, zolang we nog mogen klitten bij het koffieapparaat en voordragen tijdens vergaderingen, moeten we formuleren onder welke voorwaarden de oude situatie hersteld wordt. Niet vanuit paniek, maar vanuit kalme anticipatie.

Naschrift: Op donderdagavond werd bekend dat zulk samenkomen er niet meer in zit. Al het ‘fysieke’ onderwijs is per direct afgelast, verordent VSNU. De strekking van deze column is onveranderd. We zullen het nu alleen digitaal voor elkaar moeten boksen. Dat is een stuk moeilijker, precies om de redenen waarom we moeten ijveren voor het belang van de terugkeer van fysiek contact. 

Deze column verscheen eerder op Folia.